Voorstelling | Nederlandse première
Ferenc Balcaen / NTGent
Please, Open The Curtains
Zes performers omarmen de melancholie. Niet als ziekte of romantisch beeld maar als krachtig verlangen.
Doorheen de tijd kreeg melancholie vele betekenissen. In de middeleeuwen werd ze verbonden met de theorie van de vier lichaamssappen; later groeide ze uit tot een esthetisch ideaal in kunst en literatuur. Wat als een temperament of zelfs een bron van creativiteit werd gezien, verborg echter vaak een andere realiteit: de pijn van zij die als melancholisch werden bestempeld, bleef onzichtbaar of werd veroordeeld.
PLEASE, Open the Curtains vertrekt vanuit die spanning en benadert melancholie niet als een ziekte of een romantisch beeld, maar als vorm van herinnering aan fragiliteit en collectiviteit, aan het verlangen dat na verwoesting iets goed, iets verbindend kan ontstaan.
Zes performers omarmen melancholie via collectieve taferelen waarin spel, arbeid en ritueel naast elkaar staan. Soms licht en speels, soms traag en verstild. Hun lichamen vormen een ensemble waarin beelden en kleine gebaren circuleren. De scenografie is een levend lichaam, een symbolisch landschap dat het verleden oproept, vervormt en opnieuw construeert.
Melancholie is nooit neutraal geweest. Hannah Arendt beschreef het als de ‘kalmte in het oog van de storm’: een stilte die tegelijkertijd deel uitmaakt van beweging. In melancholie voelt men de kloof tussen de wereld zoals die is en de wereld zoals die zou moeten zijn. Deze kloof kan niet worden gedicht, en juist daarom kan melancholie zowel wanhoop als hoop met zich meebrengen. Door de geschiedenis heen is dit gevoel echter ongelijk verdeeld geweest.
Voor mannen had melancholie vaak een verheven status: een teken van genialiteit, reflectie, kunstzinnigheid. Voor vrouwen en queers werd een soortgelijke ervaring consequent gereduceerd tot pathologie. Hun verdriet werd ‘hysterie’, hun eenzaamheid ‘neurose’. In zijn essay Trauer und Melancholie (1917) sprak Freud over het verborgen rouwen om een verloren of verboden liefde. Judith Butler heeft erop gewezen dat dit mechanisme queer mensen in een staat van permanente melancholie drijft: hun verdriet wordt sociaal onzichtbaar gemaakt en keert zich daardoor naar binnen. Julia Kristeva begreep melancholie als een ineenstorting van taal, een verlies dat alleen door stilte of kunst kan worden uitgedrukt.
Het is verleidelijk om deze geschiedenis uitsluitend te interpreteren als een geschiedenis van onderdrukking, maar er is ook een andere beweging gaande. Vrouwen en queer kunstenaars hebben melancholie geleidelijk aan teruggewonnen. Waar hun lichamen lange tijd als hysterisch werden afgebeeld, maakten zij melancholie weer zichtbaar als een bron van creativiteit en verzet. In het werk van Frida Kahlo krijgt lijden vorm als zelfportret; in dat van Nan Goldin als een collectieve herinnering aan verlies; in dat van Tracey Emin als installaties die schaamte omzetten in getuigenis.
Op deze manier blijkt melancholie meer te zijn dan een individuele toestand. Het is een politieke gevoeligheid, een manier van kijken die zowel verlies als verlangen erkent.
Wie melancholie niet alleen als machteloosheid ervaart, kan er ook helderheid in vinden: een kritische afstand, een weigering om verblind te worden door euforie of illusie.
Misschien is dat de kracht van melancholie vandaag de dag. Niet het opgeven van hoop, maar het besef dat hoop altijd gepaard gaat met verlies. Niet de hysterie van een diagnose die ons het zwijgen oplegt, maar een aandachtige manier om naar de wereld te kijken – een manier die ruimte creëert voor een ander begin.
Voor de scenografie laat PLEASE, open the curtains zich inspireren op de enclosed garden (hortus conclusus), een middeleeuws religieus motief dat teruggaat op het Bijbelse Hooglied, waar het symbool staat voor de maagdelijkheid en heiligheid van Maria. In kloosters diende de omsloten tuin als plaats voor stilte, gebed en genezing, vaak gevuld met symbolische planten. In de 15e en 16e eeuw ontstonden er in de Zuidelijke Nederlanden ook kleinschalige kunstwerken (retabelachtige assemblages) die dit motief verbeeldden.
De enclosed garden verwees naar Maria’s puurheid, maar ook naar het paradijs, de kosmos in miniatuur en de harmonie van de schepping. In kunstwerken wordt Maria vaak afgebeeld in een ommuurde tuin, omringd door symbolische bloemen. Het motief leeft ook voort in de hedendaagse kunst, zij het in meer abstracte vormen: ommuurde ruimtes of figuren die stilte, afzondering en mysterie oproepen. Deze moderne variaties nodigen uit tot introspectie en meerdere interpretatielagen.
Toch schuilt er een kritische keerzijde: afzondering kan omslaan in isolement en morele blindheid. Wanneer schoonheid en stilte worden losgekoppeld van de werkelijkheid buiten de tuin, dreigt verdringing of onverschilligheid. De enclosed garden kan dus zowel een krachtige metafoor voor spirituele diepgang betekenen als een waarschuwing tegen afgeslotenheid die geen verbinding meer maakt met de werkelijkheid.